De maand waarin je geboren bent ;
januari = ik word melig met
februari = ik houd van
maart = ik sms naar
april = ik kuste
mei = ik word gebeld door
juni = ik lach om
juli = ik stik in
augustus = ik verbrand
september = ik bel naar
oktober = ik word wakker naast
november = ik knuffel
december = ik kijk naar
De dag waarop je geboren bent ;
1 = een tuinkabouter
2 = een blokfluit
3 = een vreemde
4 = een dweil
5 = een olifant
6 = mijn oma
7 = degene waar ik van hou
8 = een kikker
9 = mijn moeder
10 = een komkommer
11 = een poedel
12 = een lantaarnpaal
13 = jou
14 = de kerstman
15 = een foto
16 = het lekkerste ding van school
17 = een pollepel
18 = mijn beste vriend(in)
19 = sinterklaas
20 = een kaars
21 = een non
22 = een lolly
23 = een weg
24 = een banaan
25 = iemand die ik voorbij zag lopen
26 = een jongen/meisje
27 = een kerstboom
28 = een surfplank
29 = mezelf
30 = een cd
31 = een pruik
kleur van je t-shirt ;
blauw = omdat ik leuk ben.
groen = omdat ik tegen bomen praat.
roze = omdat hij me wil.
geel = omdat ik me niet scheer.
zwart = omdat ik dood ga.
wit = omdat ik gestoord ben.
paars = omdat ik het waard ben.
grijs = omdat ik leuker ben dan jou.
rood = omdat ik niet spoor.
bruin = omdat ik van teletubbies houd.
streepjes = omdat hij/zij leuk is.
oranje = omdat ik verliefd ben.
anders = omdat ik tegen teddyberen praat.
Stuur door
Dit is niet OK